Steun ons en help Nederland vooruit

maandag 26 september 2016

Het resultaat telt. Deel 4 – Voor- en nadelen van vooroordelen

objectief

Hoofdstuk 10 van “Het resultaat telt”, het onderzoek van Deloitte naar de bestuurskracht van de Gooi en Vechtstreek, gaat over de “Varianten versterking bestuurskracht regio”. Het hoofdstuk begint met de volgende opmerking:

“In dit hoofdstuk beschrijven we de mogelijkheden voor de versterking van de bestuurskracht in de regio Gooi en Vechtstreek aan de hand van vier varianten voor de verdere bestuurlijke toekomst. Deze beschrijving bevat nog geen waardeoordeel over deze varianten in relatie tot geconstateerde beperkingen in regionale bestuurskracht. De beschrijving is gebaseerd op algemeen aanvaarde inzichten over mogelijke voordelen/kansen en mogelijke nadelen/risico’s die de varianten kunnen bieden.”

Een van de belangrijkste aspecten van onderzoek is dat de onderzoekers alles in het werk moeten stellen om het onderzoek zo objectief mogelijk tegemoet te treden. Als je dat niet doet en teveel door een gekleurde bril je onderzoek aanpakt, dan mag het niet verbazen als de resultaten van het onderzoek ook gekleurd zijn. En dat kan niet de bedoeling zijn, tenzij dat wel de bedoeling is. Maar dan hebben we het niet over wetenschappelijk onderzoek.

Als iemand zegt dat hij niet bevooroordeeld is, dan is dat zoiets als iemand die je bezweert dat hij de waarheid spreekt. Ik heb geleerd om dan extra waakzaam te zijn. In de inleiding van hoofdstuk 10 geven de onderzoekers expliciet aan dat er geen waardeoordelen zijn over de varianten. Ik ben dan razend benieuwd of dat ook zo is. De nieuwsgierigheid wordt nog aangewakkerd door de laatste zin. De beschrijving is gebaseerd op algemeen aanvaarde inzichten. Ok, interessant. Algemeen aanvaarde inzichten zijn supercool, want niemand is het ermee oneens. Iets wat zelden voorkomt op deze wereld. Als je je onderzoek kunt baseren op algemeen aanvaarde inzichten, dan is dat een heel sterk verhaal.

Mijn eerste vraag is dan, wat zijn die algemeen aanvaarde inzichten? Het zou mooi zijn als de onderzoekers kort even aanstippen welke deze algemeen aanvaarde inzichten zijn, want dan is dat meteen duidelijk. Helaas wordt mij dat bij lezing van het hoofdstuk niet meteen duidelijk. Dat is een kleine teleurstelling, want nu moet ik ernaar gaan zoeken. Het hoofdstuk wordt een zoekplaatje. Waar staan die algemeen aanvaarde inzichten?

Na lang bestuderen van de tekst heb ik ze gevonden. Je moet heel nauwkeurig lezen om het te ontdekken, maar ze staan er echt. En als je het eenmaal weet dan denk je, ok, wat stom dat ik het niet eerder heb gezien. Het zit zo. Het zit hem in de beschrijving van de voor- en nadelen van de varianten. Het is heel subtiel.

Bij de varianten die volgens de onderzoekers afvallen (A en B) worden systematisch de voordelen beschreven als “mogelijke voordelen”, terwijl de nadelen consequent worden beschreven in termen van “nadeel is”. Bij de uiteindelijke voorkeursvariant C staat “voordeel/kans is…” en “mogelijk nadeel is”. De beschrijving van variant D, de ideale variant van 1 gemeente, leest als de beschrijving van een ideale situatie die alleen maar voordelen heeft. “Er ontstaat…”, “Met deze grootte zal…”, “dit geeft de kans om…”. Mogelijke nadelen worden wel beschreven, maar meteen ontkracht door te beschrijven wat de oplossing hiervoor is.

De algemeen aanvaarde inzichten van de onderzoekers komen dus tot uitdrukking in het feit dat bij de voorkeursvarianten de voordelen als reëel worden gezien en de nadelen als potentieel, en dat dit bij de varianten die men niet ziet zitten precies omgekeerd is. Dit is niets anders dan een waardeoordeel en in plaats van algemeen aanvaarde inzichten kunnen we in dit verband wellicht beter spreken van algemeen aanvaarde vooroordelen.

—–

Dit is deel 4 van een reeks van artikelen over het bestuurskrachtonderzoek “Het resultaat telt” naar de bestuurskracht in de Gooi en Vechtstreek. Deel 1 kunt u hier lezen, Deel 2 hier, Deel 3 hier.