Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 5 juli 2017

Er zijn genoeg parkeerplaatsen in Weesp (alleen liggen ze op de verkeerde plek als je niet van lopen houdt)

Binnen de fractie van D66 Weesp beleven we veel plezier aan het parkeeronderzoek FASE 1 Parkeerevaluatie Weesp. We schreven al over de wetenschappelijk slecht onderbouwde conclusies. Het gaat daarbij niet om het feit of er een hoge parkeerdruk is, want daarvoor hebben we geen onderzoek nodig, maar over de vraag hoe je dat wetenschappelijk onderbouwt. De conclusies van een rapport waar Weesp veel geld voor betaalt moeten vanzelfsprekend wel kloppen.

Dat neemt niet weg dat het onderzoek een schat aan informatie bevat, die tot vele nieuwe inzichten kunnen leiden. In het parkeeronderzoek van Weesp staat bijvoorbeeld een hele interessante tabel (2.4) op pagina 11. Daar staan de beschikbare parkeerplaatsen in Weesp. Het gaat in totaal om 8209 openbare parkeerplaatsen en 5173 private parkeerplaatsen. Denk bij het laatste aan opritten, garages en bedrijfsparkeerplaatsen. Bij elkaar zijn er dus in Weesp 13.382 parkeerplaatsen. Uit het CBS staatje weten we dat er in Weesp 7.215 personenauto’s van particulieren waren in 2016 en 1668 bedrijfswagens. In totaal waren er dus in Weesp 8883 auto’s voor 13.382 parkeerplaatsen. Dit betekent dat er niet te weinig parkeerplaatsen zijn in Weesp, maar juist veel te veel. Alleen liggen die parkeerplaatsen wellicht op de verkeerde plek en hebben mensen geen zin om lang te lopen van hun geparkeerde auto naar hun huis.

Tabel parkeercapaciteit Weesp

Laten we eens beter naar de tabel 2.4 kijken. Wat opvalt dat is dat ook de bedrijventerreinen er bij staan. Als we die weglaten en ook de bedrijfsauto’s weglaten, dan ontstaat het volgende plaatje. Er blijven in dat geval 7.725 openbare parkeerplaatsen over, en 1.577 private parkeerplaatsen. Dat laatste aantal ligt fors lager, vooral omdat er op bedrijventerrein Noord het enorme aantal van 2.917 private parkeerplaatsen zijn. Je zou bijna gaan denken dat Noord één groot parkeerterrein is.

Bij elkaar zijn er dan in Weesp 9.302 beschikbare parkeerplaatsen op een aantal van 7.215 auto’s. Dat is nog steeds een overschot van 2.087 parkeerplaatsen, ofwel een bezettingsgraad van 77,5%. Je zou verwachten dat er in Weesp geen parkeerprobleem is. Het is alleen een kwestie van een verkeerde verdeling.

Maar daarmee zijn we nog niet tevreden. Het is interessant om tabel 2.4 te vergelijken met de cijfers van het CBS. Dan zetten we het aantal auto’s per wijk naast het aantal parkeerplekken per wijk. Dat ziet er als volgt uit.

Tabel aantal parkeerplaatsen en aantal auto's per wijk

 

Over deze tabel valt heel veel te zeggen. Om te beginnen valt op dat volgens deze cijfers er één hele grote probleem wijk is en dat is niet het Herensingelkwartier, maar Hogewey Zuid, want dat is de enige wijk met een tekort aan parkeerplekken. Het zijn er maar 11, maar toch, dit is de enige wijk waarvan we objectief kunnen vaststellen dat er echt een tekort aan parkeerplekken is.

Maar niet alles zit in deze cijfers. Kijk naar het Herensingelkwartier. Daar is een overschot aan 40 plekken. Dat is niet veel, zeker ook omdat in deze wijk het enige hotel van de stad gevestigd is met 66 kamers. Daarnaast zijn er nog twee theaters. Zowel hotel als theaters hebben geen eigen parkeerterrein. Dat kan een flinke extra belasting betekenen van de wijk, vooral in de avond, wanneer de mensen aankomen in het hotel, naar het theater gaan en de mensen thuis komen. Het is zeer logisch dat er ’s avonds een groot probleem is in deze wijk. Kijk maar naar onderstaande figuur.

Parkeerdruk Centrumschil-Noord

We zien in dit figuur van vrijdagavond dat er in het Herensingelkwartier flink wat bolletjes geel en blauwe kleuren bevatten. Dat zijn kort en lang parkeerders (niet zijnde bewoners). Je zou kunnen vermoeden dat daar hotelgasten bij zitten. De meting is van 18:00 uur en is wellicht te vroeg om een effect van theaterbezoek weer te geven.

Als we veronderstellen dat het hotel elke dag 25 extra auto’s betekent en de theaters ook nog eens 30 plekken, vragen, dan gaan we al 15 plekken over het beschikbare aantal plekken heen. Die aantallen zijn pure speculatie, maar het is niet vreemd om te veronderstellen dat een hotel een deel gasten heeft die met de auto komen en van de theaters is het ook zo dat zowel de artiesten als een deel van de gasten met de auto zouden kunnen komen, zeker als ze van buiten Weesp komen. Met andere woorden, het Herensingelkwartier verdient alle aandacht. Overigens is het zo dat theater Zone 1380 van plan is te verhuizen, zodat we er van uit kunnen gaan dat dit tot een beetje verlichting zou kunnen leiden in de avonduren.

Zelf was ik nogal verbaasd over het overschot in de Dichtersbuurt. Het aantal van 456 is enorm. De Dichtersbuurt heeft volgens het CBS het lage aantal van 0,6 personenauto’s per huishouden en tegelijk zo’n beetje het grootste overschot aan parkeerplekken. In de praktijk is dan wel weer een probleem in het gedeelte van deze wijk dat in de buurt van het station ligt, terwijl delen die daar verder vanaf liggen nauwelijks problemen lijken te hebben. Je kunt hieruit concluderen dat er in de buurt van het station veel mensen wonen, terwijl het aantal parkeerplekken daar relatief beperkt is en bovendien hoor ik vaak dat er veel mensen van buiten parkeren die dan met de trein naar Amsterdam gaan. Onderstaande figuur uit de bijlage is wat dat betreft verhelderend. Er zijn relatief veel lang- en kort parkeerders (niet zijnde bewoners) in de buurt van het station.

Parkeerdruk Dichtersbuurt

wat opvalt bij veel van de in het onderzoek getoonde figuren is dat er op sommige plekken een parkeerdruk is van tussen de 100% en 120%, maar op andere plekken is de druk juist laag, zelfs tussen de 25% en 50%. Dat duidt erop dat mensen niet bereid zijn om een stukje te lopen. En dat is ook de conclusie van het onderzoek. Op pagina 54 staat dat bij 54% de loopafstand de belangrijkste rol speelt bij de keuze voor een parkeerplaats. Op pagina 69 van het onderzoek concluderen de onderzoekers:

“Bewoners zijn qua parkeren erg star en eigenwijs, en accepteren geen lange loopafstand. Vanuit het CROW (zie Tabel 6.1.) wordt als maximale acceptabele loopafstand voor wonen circa 100 meter opgegeven. Bewoners willen zo dicht mogelijk bij hun woning parkeren. Indien er geen plek is, zijn zij al snel geneigd om fout te parkeren.”

Waarom is dit van belang? Waarom doet al dit gereken ertoe? Is dit niet een geval van mierenneukerij? Dat zou kunnen, ware het niet dat op pagina 73 van de parkeerevaluatie tussen neus en lippen door kaders worden gesteld voor het toekomstige parkeerbeleid. Normaliter worden kaders door de raad vastgesteld via een raadsvoorstel. Het college kiest in deze voor een presentatie in de commissie en aan het eind van de commissie werden de commissieleden geacht om even akkoord te gaan met alle conclusies, kaders en uitgangspunten. Wethouder Heijstee gaf aan dat alle kaders al gesteld waren in oudere dossiers zoals het oude parkeerplan en de structuurvisie, maar dat dat niet het geval is werd als snel duidelijk door te wijzen op pagina 73 van het onderzoek, waar staat:

Nog vast te stellen

Gelet op de richtlijnen en de conclusies wordt voorgesteld voor de volgende aanvullende uitgangspunten vast te stellen.

• Algemeen
o Stimuleren en faciliteren andere vervoerswijzen (lopend, fiets en OV)

o Maatgevende moment voor centrum is zaterdagmiddag en voor woonwijken is ‘s nachts

o Maximaal aanvaardbare parkeerdruk op wijkniveau is 85%

o Acceptabele loopafstanden van parkeerplaats naar bestemming volgens CROW publicatie

o Meerdere reguleringsvormen naast elkaar mogelijk (maatwerk)

• Ten aanzien van centrumgebied:
o Werkers waar mogelijk dubbelgebruik op plekken bewoners, indien de parkeerdruk dit toelaat

Wij verbazen ons over deze bijzondere gang van zaken en het kan niet verbazen dat de commissie dit niet zo’n goed idee vond. Wat D66 betreft gaan we dit ook zeker niet doen. Wij zijn niet overtuigd van de 85% norm en ook over de 100 meter CROW norm valt veel te zeggen. Dit is belangrijk, omdat de oplossing van het parkeerprobleem bepaald wordt door deze twee normen. Als de norm waarboven iets een probleem is hoger ligt, dan is het probleem volgens deze norm ook meteen minder groot. Zo simpel is het, of je dat leuk vindt of niet. Als we accepteren dat je bijvoorbeeld 150 meter moet lopen van auto naar huis, in plaats van 100 meter, dan spreid je de geparkeerde auto’s over een groter gebied en is de kans groter dat je een plek kunt vinden. Dat wordt ook ondersteund door de kaartjes met de bezettingsgraad. Als je cirkels trekt rondom de straten met een extreem hoge bezettingsgraad, dan zie je in bijna alle wijken dat er genoeg groene straten zijn waar wel geparkeerd kan worden. Met andere woorden, je lost het parkeerprobleem voor een deel op door de norm te verruimen en vooral door te gaan handhaven op foutparkeren. Het is daarom dat het wel cruciaal is dat we de juiste richtlijnen hanteren en dat we daar een goed debat over hebben. Het kan niet zo zijn dat zo’n cruciaal aspect van het parkeerdossier niet klopt of dat we er niet goed over nadenken. Wordt vervolgd…

 

Downloads

Spreadsheet parkeerdata in Excel format

Spreadsheet parkeerdata in ODF format