Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 5 maart 2020

Vragen D66 over bestrijding ‘pre-crime’ in Weesp

Op 17 februari jongstleden verscheen in landelijke media, zoals bij het AD, bericht over de Rotterdamse aanpak van het probleem van messendragende minderjarigen. In de berichtgeving werd gerept over het opleggen van een boete van € 2500,- aan ouders van deze minderjarigen, als zij na een eerdere constatering opnieuw worden betrapt in het bezit van een mes. Media berichtten vaak abusievelijk over een ‘boete’. In werkelijkheid stelt de burgemeester van Rotterdam voor om onder genoemde omstandigheden een last onder dwangsom op te leggen. Deze aanpak, het opleggen van een last onder dwangsom aan eerdere overtreders ter voorkoming van herhaling van een overtreding, wordt in Nederland door burgemeesters steeds breder ingezet.

Bedoeling is om niet alleen de strafrechtelijke handhaving te faciliteren maar vooral om daarmee – naast en in plaats van een strafrechtelijke aanpak – bestuursrechtelijke handhaving mogelijk te maken. De ‘Rotterdamse aanpak’ lijkt een vervolg op wat landelijk bekend is geworden als de ‘Veluwse methode’. In deze door de Afdeling bestuursrechtspraak gesauveerde methode werd een last onder dwangsom opgelegd voor overtreding van het APV verbod op het ‘bij zich hebben van inbrekerswerktuig’.

Verschillende burgemeesters hebben deze aanpak vervolgens breder getrokken en gehanteerd, bijvoorbeeld,ter voorkoming van de handel van drugs op straat, of ter voorkoming van de verstoring van de openbare orde c.q. overlast door (leden van) jeugdgroepen.Een breder toepassingsbereik is juridisch (vooralsnog) niet uitgesloten.

Wouter Zorg, commissielid AZM, lid van de Auditcommissie en werkzaam als docent Staats- en Bestuursrecht bij de Universiteit Utrecht heeft 28 februari vragen gesteld over deze aanpak aan het college van Weesp. De vragen zijn: wordt de hierboven beschreven aanpak ook in Weesp ingezet?
Zo ja, hoe vaak is deze aanpak inmiddels (ongeveer) gehanteerden op welke gebieden?
Zo nee, kunt u aangeven om welke reden dat niet gebeurt?

Wij zijn in afwachting van de antwoorden van het college.