Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 10 november 2021

Rob ’t Hart: persoonlijke toelichting derde wethouder

Rob ’t Hart, raadslid voor D66 Weesp maakt gebruik als individueel raadslid om aanvullend aan het fractiestandpunt zij standpunt persoonlijk toe te lichten. Hij doet dat in de bijzondere situatie over het besluit van een derde wethouder niet omdat hij het oneens is met het fractiestandpunt maar omdat hij de raad deelgenoot wil maken van zijn ervaringen met dit soort situaties.

Rob ’t Hart heeft bijna een halve eeuw bestuurlijke ervaring vanuit verschillende posities in het lokale bestuur. Daarbij is samenwerking en in dialoog gaan om een vraagstuk op te lossen altijd zijn vertrekpunt geweest. Uiteraard kunnen er vanuit de inhoud verschillen van inzicht zijn over oplossingen. Voor hem staat als D66er openheid en transparantie voorop in het proces en in de zorgvuldige besluitvorming die je als bestuur te volgen hebt.

Hij heeft in de loop van zijn lokale ervaring verschillende bestuurscrises meegemaakt. Deze is wel van bijzondere aard. Volgens hem is van begin af aan verzuimd een analyse te maken wat nu echt de problemen zijn en hoe op te lossen. Er is direct stelling betrokken zonder dat echt sprake was van een dialoog. Van begin af aan stond vast dat er een derde wethouder moet komen.

Gelijk hebben en gelijk krijgen, heeft naar zijn mening nooit tot een vruchtbare oplossing geleid, zo ook in deze situatie. Er zijn geen winnaars maar slechts verliezers. Verhoudingen zijn verstoord, het imago van Weesp is beschadigd, en het samen naar het eind toewerken wordt nu een stuk lastiger. Rob ’t Hart geeft aan daar droevig van te worden omdat het niet nodig was geweest. Keer op keer is gepoogd om tot een vruchtbare oplossing te komen. Echter zonder resultaat en niet in het belang van onze mooie gemeente, waarbij ruim drie jaar eendrachtig is gewerkt aan de fusie.

Maar goed het feit ligt er en Weesp krijgt wellicht een derde wethouder die naar zijn mening geen idee heeft wat haar te wachten staat. Althans dat is mijn heersende mening vanuit de praktijk. Een wethouder kan nog zoveel competenties hebben , geschikt zijn voor de functie, een wethouderscursus volgen. De praktijk is helaas weerbarstiger. Het vergt geruime tijd en zeker langer dan 4 maanden om je in te werken. Beelden dat je als wethouder het wel even voor het zeggen hebt, zijn een utopie. We maken onderdeel uit van de Amsterdamse organisatie. Rob ’t Hart kent die organisatie op zijn duimpje. Je moet als wethouder de mores van de organisatie leren kennen, de ambtelijke organisatie zit in een overgangmodus, allerlei procedures weten te hanteren, je plek in het college zien te vinden, de verschillende rollen binnen de gemeenteraad van Amsterdam en de stakeholders buiten het bestuur. Kortom vele ballen in de lucht houden, die veel tijd vergen. En die tijd is er niet. Zeker niet als je geen bestuurlijke ervaring hebt. En dan nog. Rob ’t Hart vermoedt een idealistisch vertekend maar niet realistisch beeld van wat een onervaren wethouder van Weesp nog even voor elkaar kan krijgen.

Rob ’t Hart vraagt zich af wat WSP en CDA zich aandoen om deze aanstaande wethouder om voor zo’n korte periode het avontuur te laten aangaan. Een groot afbreukrisico, garantie tot aan de deur met inzet van gemeenschapsgeld dat ook anders kan worden besteed. En hij is van mening dat dit niets te maken heeft met het voorsorteren op de nieuwe Bestuurscommissie. Want dat wordt een hele andere setting.

Rob ’t Hart vraagt raadsleden zich te bezinnen en met rasse schreden terug op het doodlopende pad. Hoe roept op te kiezen voor een realistische oplossing, waardoor de rijen in Weesp zich weer sluiten.